Literatuur
Literatuur-inleiding en praktijkstudie.
Door Jannes Koetsier, arts, auteur van 'De gezonde patiënt', panellid AVRO-Missers.
Ernstige vaccinatie-complicaties.
Bij het RIVM, verantwoordelijk voor het Rijks Vaccinatie Programma (RVP), werden van 1995 tot 2007 gemiddeld zes sterfgevallen van kinderen na vaccinatie per jaar gemeld. In driekwart van de gevallen werden deze weggeboekt als wiegendood, voorts noemt men infecties als doodsoorzaak. In geen van de gevallen werd een relatie met de vaccinatie waarschijnlijk geacht. In de helft van deze gemelde gevallen was zelfs geen lijkschouwing gedaan. Wanneer u ziet hoe de “onafhankelijke” klankbordgroep van het RIVM tot dergelijke conclusies komt, dan kunt u niet anders dan twijfelen aan deze conclusies (zie bij onderzoek Freek). De Inspectie Gezondheidszorg (IGZ) vaart volledig op het onderzoek door het RIVM en doet nooit eigen onderzoek. Het openbaar Ministerie (justitie) zoekt bij haar onderzoek vanwege niet-natuurlijke-dood ook niet diepgravend naar de mogelijkheid dat de vaccinatie de boosdoener was en laat zich bij haar onderzoek beïnvloeden door het RIVM, zo bleek uit het obductie-verslag over Freek Hagoort.
Doofpot-beleid overheid?
Het ministerie van VWS is eindverantwoordelijk voor zowel RIVM als IGZ. De overheid (geadviseerd door Gezondheidsraad en RIVM) gaat af op de studies van de farmaceutische industrie en acht in navolging van deze producenten hun vaccins veilig. Onder de noemer van een gewenste kudde-immuniteit streeft de overheid een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad na. In Nederland is meer dan 90% van alle kinderen op de leeftijd van 14 maanden al ettelijke malen gevaccineerd. Omdat angst bij ouders voor vaccinatie natuurlijk ongewenst is als men een hoge vaccinatie-graad wil bereiken, is het kennelijk gewenst om sterfgevallen na vaccinatie te betitelen als “hoogst onwaarschijnlijk t.g.v. de vaccinaties”. Ook omdat het vaccineren zo nadrukkelijk door de overheid wordt geadviseerd, ligt het voor de hand dat diezelfde overheid ernstige complicaties van de hand wijst. Gegevens over bijvoorbeeld de forse afname van wiegendood in Japan nadat men ertoe overging om pas na hun tweede verjaardag te starten met vaccineren van de kinderen, vinden we dan ook niet terug op de website van het RIVM en dit feit is ook nauwelijks bekend bij artsen en consultatiebureaus.
Werkelijk aantal overlijdensgevallen na vaccinatie is niet bekend
Omdat veelal het verband van de vaccinatie met wiegendood of uit de hand gelopen griep niet gelegd wordt door de betrokken artsen zal het werkelijke aantal sterfgevallen hoger zijn. Hoeveel hoger weet niemand maar twee keer zoveel is niet denkbeeldig. Bijkomend probleem is dat het moeilijk is om sluitend bewijs te leveren in een individueel geval van overlijden na vaccinatie en zo te kunnen concluderen zowel tot ‘geen’ als tot ‘wel’ een verband met de vaccinatie.
Niet aangeboren hersenaandoeningen
Uit de literatuur blijkt dat na vaccinatie kleine kinderen behalve het overlijdens-risico vooral ook een risico lopen op het ontstaan van NAH (Niet Aangeboren Hersenaandoening) waarna zij meer of minder ernstig meervoudig gehandicapt door het leven gaan. Voorts worden er honderden gevallen gemeld van minder ernstige gevallen van allergie, chronisch snotteren, etc., ontstaan na vaccinatie. Sommige deskundigen zien een verband tussen de toename van autisme en ADHD en de toename van vaccinaties.
Welk risico is groter?
De meest ernstige complicaties van vaccinatie zijn heel zeldzaam. De farmaceutische industrie en in navolging daarvan de autoriteiten gaan er vanuit dat de risico’s van niet vaccineren, dus van complicaties van de (kinder)ziektes, groter zijn dan de risico’s van vaccineren. Dit staat ook in de bijsluiters van de diverse vaccins. De wetenschappelijke onderbouwing van deze stelling kan in twijfel worden getrokken, omdat men de risico’s op complicaties van de ziektes, waartegen al decennia lang wordt gevaccineerd, alleen uit het verleden kent toen veel slechtere sociaal-economische omstandigheden leidden tot een grotere bevattelijkheid voor en ernst van bijvoorbeeld hersenontsteking bij mazelen. Hoe groot dergelijke risico’s nu zijn, weet ik niet. Wel is volgens mij de ernst van de zeldzame complicaties van (kinder)ziektes, ook van griep, minder groot dan vele jaren geleden. Door verbeteringen in de sanitaire omstandigheden waren veel infectieziekten al op hun retour voordat er één vaccin werd ingespoten.
Het komt mij voor, met het inzicht dat ik nu heb in de literatuur, dat we niet zeker weten welk risico groter is: het risico van vaccineren of dat van de ziekte wanneer je niet bent gevaccineerd. In ieder geval zijn beide risico’s uiterst klein. Het vaccinatie-risico mag door de overheid niet, zoals nu wel gebeurt, zonder deugdelijk bewijs te laag worden ingeschat. De mededeling op het RVP-deel van de website van het RIVM - “Het Rijks Vaccinatie Programma (RVP) is veilig” - is een vorm van wensdenken. Ouders hebben recht op volledige en eerlijke informatie. Daarmee kunnen ze - hoe moeilijk dat ook is - bewust kiezen tussen de risico’s van vaccineren of van niet vaccineren.
Literatuur
Dit deel van de website zal worden aangevuld met betrouwbare literatuurverwijzingen.
Ook lezers die bschikken over betrouwbare gegevens over ernstige vaccinatie-risico's kunnen deze inzenden via het contact formulier. De redactie beslist over plaatsing. Meningen uitwisselen kan op het forum.
|
|
|
| Gemaakt door www.workingcomputer.nl | Disclaimer | Webmaster Login |